congestion

Hoe lossen we het groeiend aantal files in Nederland op? Beleidsmakers breken hun hoofd al jaren over die vraag. Ook de Engelse econoom Arthur Pigou hield zich er mee bezig, in de jaren 20 van de vorige eeuw al. In zijn boek The Economics of Welfare (1920) gaf hij een gedegen economische analyse en een duidelijk beleidsadvies: Als een automobilist een weg met files opgaat, levert hem dat kosten op in de zin van tijdverlies. Maar hij brengt tegelijkertijd ook tijdkosten toe aan andere automobilisten op die weg. Weggebruikers kijken alleen naar hun eigen belang wanneer ze beslissen hoe en wanneer ze van A naar B reizen en negeren de kosten voor anderen. De marktwerking is niet efficiënt: autoritten worden over-geconsumeerd. Om het optimale evenwicht op de markt te bereiken zou een belasting moeten worden geheven, ter hoogte van precies die kosten die de automobilist aan anderen toebrengt, de zogenaamde ‘marginale externe kosten’. Dit is in het kort de economisch achterliggende motivatie voor een maatregel als rekeningrijden om de files op te lossen. Rekeningrijden wordt overigens al toegepast in steden als Londen, Stockholm en Singapore.

Hoewel Pigou economisch gezien gelijk heeft en de praktijk uitwijst dat rekeningrijden een effectief middel is om files te bestrijden, stuit rekeningrijden in Nederland – maar ook daarbuiten – steevast op fors verzet. Want rekeningrijden betekent dat de filerijder extra belasting moet betalen aan de overheid, en de invoering van zo’n belastingmaatregel is een heikel ding. Het ‘Spitsmijden’ concept daarentegen is wel populair onder automobilisten: ze worden financieel beloond als zij de spits mijden. En het blijkt effectief: mijdingspercentages van rond de 50% zijn geen uitzondering. Het is dus mogelijk om het gedrag van automobilisten dusdanig te beïnvloeden dat ze andere mobiliteitskeuzes maken. Een probleem bij Spitsmijdenprojecten is doorgaans het beperkte beloningsbudget. Als het geld op is, is het op.

Aan rekeningrijden en spitsmijden kleven voor- en nadelen. De voordelen van beide proberen we te bundelen in een budgetneutraal systeem genaamd verhandelbare spitsrechten. Dit lijkt in elk geval in theorie een relatief efficiënt, redelijk acceptabel, en financieel duurzaam middel ter bestrijding van de files. Automobilisten krijgen een aantal gratis rechten om in de spits te rijden. Als ze onder de vastgestelde norm blijven en de spits weten te mijden, kunnen ze rechten verkopen en worden per saldo beloond. Automobilisten die meer tijdens de spits rijden moeten extra rechten bijkopen. Dit kost hun dan wel geld, maar niet in de vorm van belasting. De geldstromen lopen tussen de weggebruikers zelf. En dat is het budgetneutrale element van spitsrijden.

Het project U-SMILE onderzoekt of de invoering van verhandelbare spitsrechten een oplossing voor de files in Nederland kan zijn. Teams van de VU Amsterdam, Rijksuniversiteit Groningen en de TU Delft werken nauw samen met stedelijke partners in Amsterdam, Rotterdam, en Groningen. Er worden modelstudies gedaan en lab-experimenten uitgevoerd. Uiteindelijk zal het systeem getest worden in real life. De resultaten tot dusverre zijn veelbelovend.

 

Erik Verhoef

 

Juli 2018